1 vs 1 frontaal verdedigen
1vs1 frontaal verdedigen
Voetbal kan je opdelen in drie richtingen: frontaal, zijwaarts en rugwaarts.
In dit artikel gaan we in op het thema frontaal. Voordat we dieper op de materie ingaan, is het belangrijk om het thema 1vs1 frontaal te definiëren. Het woordenboek zegt over het woord frontaal: aan of op de voorkant. Als we dit vertalen naar voetbal, gaat het om situaties waarin de hoofdrolspeler de situatie voor zich heeft. Voor een aanvaller betekent dit dat hij de bal aan zijn voet heeft, de verdediger voor hem staat en het doel zich achter de verdediger bevindt. Met andere woorden: hij heeft de situatie waar hij naartoe wil recht voor zich.
Voor de verdediger is het perspectief net iets anders. Als het verdedigen centraal staat binnen het thema frontaal, heeft de hoofdrolspeler (de verdediger) de aanvaller recht voor zich. De aanvaller heeft zijn gezicht naar de verdediger en de bal voor zich liggen. Het doel bevindt zich in de rug van de hoofdrolspeler (de verdediger).
10 tips voor 1vs1 frontaal verdedigen
Herken de richting waarin jouw directe tegenstander de bal heeft ontvangen. Als hij zijwaarts of rugwaarts staat, is het zaak om hem in die situatie te houden. Frontaal is de makkelijkste situatie om tot scoren te komen. Geef hem niet de ruimte om naar een frontale positie te draaien. Probeert hij het toch, zorg dan dat er een botsing ontstaat tussen jou en de bal. De tegenstander heeft dan even geen controle over de bal, wat het perfecte moment is om deze te veroveren.
Mocht de tegenstander toch frontaal komen, maak de afstand zo snel mogelijk klein. Hoe kleiner de onderlinge afstand, des te minder snelheid de tegenstander kan maken.
Als de aanvaller zijn dribbel start, sta je ingedraaid met één voet voor en één voet achter. Je kan zodoende sneller terug sprinten. Je bent tenslotte al een stuk gedraaid. Als je 180 graden moet draaien duurt dat veel te lang.
Kijk naar zijn dribbelbeen. Dit is vaak zijn voorkeursbeen en daarmee wil hij doorgaans passeren. Zorg dat je zijn sterke kant afsluit, want als hij via die kant passeert, kan hij gemakkelijker een vervolg geven aan de aanval.
Als de tegenstander snelheid gaat maken, beweeg je iets mee achteruit. Houd je tenen nog naar de zijkant gericht en wacht op een technisch foutje van de aanvaller, zoals een bal die te ver van zijn voet springt. Bovendien win je hiermee tijd om rugdekking te krijgen van je teamgenoten. Spreek van te voren af wie de binnenkant verdedigt en wie de buitenkant.
Er ontstaat een kat-en-muisspel. Degene die als eerste een actie maakt, verliest vaak, omdat de ander daarop kan anticiperen. Uiteindelijk moet de aanvaller de eerste actie maken, anders loopt hij tegen de verdediger op.
Kijk in de ogen van de aanvaller. Als je naar de bal kijkt, kun je misleid worden door schijnbewegingen. Het gaat er niet om dat je de bal afpakt, maar dat je niet gepasseerd wordt. Let op zijn hoofd en lichaamstaal, want die verraden vaak waar hij naartoe wil.
Zorg dat je beide benen op de grond hebt op het moment dat de tegenstander zijn actie inzet. Het eerste wat je doet als hij zijn actie plaatst, is je arm en schouder voor zijn lichaam zetten om hem af te remmen en de bal te beschermen.
Als de tegenstander je toch passeert, blijf dan terug sprinten om hem op te jagen. Onder hoge druk maken spelers vaker fouten dan onder lage druk. Nooit opgeven!
Kan je geen druk meer uitoefenen op je tegenstander, snijd dan de weg naar het doel af. Kijk of je rugdekking kunt geven of een stuk van de route kunt afsnijden om alsnog van waarde te zijn.
Oefenvorm
Een oefenvorm die je hiervoor kunt gebruiken is de volgende:
De blauwe spelers hebben de bal en spelen op signaal van de trainer de bal naar de rode spelers. De rode spelers hebben 8 seconden de tijd om tot scoren te komen. Als de blauwe spelers de bal veroveren, kunnen ze dribbelen over de lijn waar rood op start. Zodra beide ballen uit het spel zijn, start de blauwe speler tussen de kleine doeltjes zijn actie. Er wordt dan een 3vs2-situatie gespeeld. In deze oefenvorm kun je de hierboven beschreven aanwijzingen verwerken.
Lars van Halteren
lars@voetbalopleidingscentrum.nl

